RBAh Stichting Regionale Beheersing Aziatische Hoornaar (Geelpoothoornaar)

Beleidsplan

Doelstelling, governance, activiteiten, fondsenwerving en financieel beleid van Stichting Regionale Beheersing Aziatische Hoornaar (RBAh) — inclusief huishoudelijk reglement.

Versie 1.4 — september 2026. Download als PDF

1. Inleiding en aanleiding

De Aziatische hoornaar (Vespa velutina) is een invasieve exoot die sinds enkele jaren ook in Nederland in toenemende mate wordt waargenomen. De soort vormt een ernstige bedreiging voor de biodiversiteit, in het bijzonder voor honingbijen en wilde bestuivende insecten, en levert daarnaast risico's op voor de veiligheid en gezondheid van mensen.

In de regio Delft e.o. nemen meldingen van waarnemingen en nesten toe. Deze regio kenmerkt zich door een hoge bevolkingsdichtheid, intensief gebruik van de openbare ruimte en een waardevolle, maar kwetsbare biodiversiteit.

De oprichting van een gespecialiseerde stichting is noodzakelijk om:

  • structurele financiering te organiseren;
  • expertise en middelen te bundelen;
  • burgers, overheden en organisaties te ondersteunen;
  • en de bestrijding van de Aziatische hoornaar veilig, verantwoord en effectief uit te voeren.

2. Juridische vorm en governance

2.1 Rechtsvorm

De stichting wordt opgericht als een stichting zonder winstoogmerk naar Nederlands recht.

2.2 Bestuurssamenstelling

Het bestuur bestaat tenminste uit:

  • Twee natuurlijke personen;
  • Eén rechtspersoon, te weten de Imkervereniging Delft e.o., vertegenwoordigd door een daartoe aangewezen bestuurder.

Het bestuur handelt collegiaal en is gezamenlijk verantwoordelijk voor het beleid, de financiën en de naleving van wet- en regelgeving.

2.3 Bestuursprincipes

Het bestuur:

  • handelt in het algemeen belang;
  • neemt besluiten op basis van transparantie en deskundigheid;
  • voorkomt belangenverstrengeling;
  • werkt samen met bevoegde instanties en erkende specialisten.

3. Doelstelling van de stichting

3.1 Statutaire doelstelling

De stichting heeft ten doel: het verkrijgen en beheren van publieke en private fondsen, het aanschaffen, beheren en ter beschikking stellen van relevante apparatuur en kennis ten behoeve van het opsporen, bestrijden en (laten) verwijderen van de invasieve exoot Aziatische hoornaar, alsmede het geven van voorlichting en het bevorderen van bewustwording bij het algemeen publiek in de regio Delft en omliggende gemeenten, dit alles op een veilige, verantwoorde en wettelijk conforme wijze.

3.2 Afgeleide doelen

  • Bescherming van biodiversiteit en bestuivende insecten;
  • Ondersteuning van imkers en natuurbeheerders;
  • Beperking van risico's voor bewoners en bezoekers;
  • Voorkomen van verdere verspreiding van de soort.

4. Activiteiten en werkzaamheden

De stichting tracht haar doel te bereiken door:

  1. Financiering en fondsenwerving
    • Aanvragen van subsidies bij gemeenten, provincies en andere overheden;
    • Werven van bijdragen bij fondsen, bedrijven en particulieren;
    • Beheren van ontvangen middelen conform doelbinding.
  2. Aanschaf en beheer van middelen
    • Opsporingsmiddelen (zoals lokvallen, detectiematerialen);
    • Apparatuur en bijbehorende veiligheidsmiddelen voor veilige verwijdering van gevonden nesten door (getrainde) vrijwilligers;
    • Ondersteuning van gecertificeerde, professionele verwijderaars, desgewenst.
  3. Opsporing en bestrijding
    • Coördinatie van meldingen;
    • Samenwerking met gespecialiseerde bestrijders;
    • Prioritering van risicolocaties (woonwijken, scholen, recreatiegebieden);
    • Coördinatie van opsporing en verwijdering van nesten door getrainde vrijwilligers.
  4. Voorlichting en educatie
    • Publiekscampagnes;
    • Informatieavonden;
    • Digitale voorlichting (websites, sociale media);
    • Samenwerking met scholen en verenigingen.

5. Urgentie en onderbouwing

5.1 Wetenschappelijke en praktische waarschuwingen

In onder meer recente wetenschappelijke publicaties, onder meer het rapport van Jacques van Alphen, wordt nadrukkelijk gewaarschuwd voor:

  • de snelle verspreiding van de Aziatische hoornaar;
  • de disproportionele predatie op honingbijen;
  • het risico op instorting van lokale insectenpopulaties;
  • en de toename van gevaarlijke situaties voor mensen bij nestvorming in bebouwde omgeving.

Er wordt gesteld dat vroegtijdige detectie en snelle, professionele verwijdering cruciaal zijn om verdere schade te beperken.

5.2 Internationale ervaringen

Beleidsplannen en praktijkervaringen uit België en Frankrijk laten zien dat:

  • te late interventie leidt tot exponentiële groei;
  • imkerijen zwaar worden getroffen;
  • bestrijding zonder centrale coördinatie ineffectief is;
  • en de maatschappelijke kosten sterk oplopen.

Deze landen tonen aan dat regionale, goed gefinancierde en professioneel aangestuurde organisaties essentieel zijn.

6. Kansen en positieve effecten

6.1 Voor biodiversiteit

  • Behoud en bescherming van kwetsbare ecosystemen;
  • Bescherming van honingbijen en wilde bestuivers;
  • Versterking van lokale natuurwaarden.

6.2 Voor bewoners en bezoekers

  • Vermindering van gezondheidsrisico's;
  • Veiliger gebruik van openbare ruimte;
  • Betere informatievoorziening.

6.3 Voor overheden en organisaties

  • Professionele uitvoeringspartner, door middel van getrainde vrijwilligers en professionele apparatuur;
  • Kostenbesparing door preventie;
  • Regionale samenwerking en kennisdeling;
  • Het actief samenwerken met burgers en belanghebbenden om tot een gezamenlijk positief resultaat voor de samenleving te komen met gecontroleerde inzet van algemene middelen.

7. Risico's en beheersmaatregelen

7.1 Risico's

  • Onkundige bestrijding door particulieren of onervaren professionele partijen;
  • Escalatie bij nestverwijdering, schade voor de omgeving;
  • Onvoldoende financiering;
  • Verwarring door tegenstrijdige informatie.

7.2 Beheersmaatregelen

  • Alleen werken met getrainde vrijwilligers en professionele apparatuur;
  • Heldere communicatie en protocollen;
  • Transparant financieel beheer;
  • Afstemming met gemeenten en veiligheidsregio's via één aanspreekpunt.

8. Financieel beleid

De stichting voert een prudent financieel beleid:

  • middelen worden uitsluitend ingezet voor het statutaire doel;
  • er wordt geen winst nagestreefd;
  • reserves worden beperkt en doelgericht opgebouwd;
  • jaarlijkse verantwoording wordt afgelegd.

9. Samenwerking en netwerk

De stichting werkt samen met:

  • gemeenten en provincies;
  • imkerverenigingen;
  • natuur- en milieuorganisaties;
  • veiligheidsregio's;
  • bestrijders;
  • onderzoeksinstellingen.

10. Duurzaamheid en continuïteit

De stichting streeft naar:

  • meerjarige financiering;
  • structurele kennisopbouw;
  • overdraagbaarheid van expertise;
  • en een toekomstbestendige organisatie die kan inspelen op nieuwe ontwikkelingen rond invasieve exoten, in het bijzonder de Aziatische hoornaar.

11. Slotbepaling

Dit beleidsplan vormt de grondslag voor het handelen van het bestuur en kan integraal of gedeeltelijk worden opgenomen in de statuten en/of huishoudelijk reglement van de stichting.

Huishoudelijk reglement

Artikel 1 — Doel en reikwijdte

  1. Dit huishoudelijk reglement regelt de interne organisatie, werkwijze en verantwoordelijkheden van de stichting.
  2. Het reglement is een aanvulling op de statuten en mag daarmee niet in strijd zijn.
  3. In geval van strijdigheid prevaleren de statuten en de wet.

Artikel 2 — Bestuur: algemene werkwijze

  1. Het bestuur is gezamenlijk verantwoordelijk voor: het realiseren van de doelstellingen; het vaststellen en uitvoeren van beleid; financieel beheer en verantwoording; naleving van wet- en regelgeving.
  2. Het bestuur handelt in het algemeen belang van de stichting en haar doelstelling.

Artikel 3 — Takenverdeling binnen het bestuur

  1. Het bestuur kan uit zijn midden een taakverdeling vaststellen, waaronder: voorzitter (algemene coördinatie, externe vertegenwoordiging), secretaris (administratie, notulen, correspondentie), penningmeester (financieel beheer, begroting en verantwoording).
  2. De taakverdeling wordt schriftelijk vastgelegd en periodiek geëvalueerd.
  3. De rechtspersoon-bestuurder, zijnde de Imkervereniging Delft e.o., levert inhoudelijke expertise en netwerkondersteuning.

Artikel 4 — Vergaderingen

  1. Het bestuur vergadert minimaal twee maal per jaar, en verder zo vaak als nodig.
  2. Vergaderingen kunnen fysiek of digitaal plaatsvinden.
  3. Oproeping geschiedt uiterlijk zeven dagen vooraf, onder vermelding van agenda en stukken.
  4. Van elke vergadering worden notulen gemaakt en vastgesteld.

Artikel 5 — Besluitvorming

  1. Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen.
  2. Iedere bestuurder heeft één stem.
  3. Blanco stemmen tellen niet mee.
  4. Besluiten kunnen ook schriftelijk of digitaal worden genomen, mits alle bestuurders daarmee instemmen.

Artikel 6 — Tegenstrijdig belang (WBTR-uitwerking)

  1. Een bestuurder meldt een (mogelijk) tegenstrijdig belang direct aan de overige bestuurders.
  2. De betreffende bestuurder onthoudt zich van beraadslaging, besluitvorming en beïnvloeding van het besluitvormingsproces.
  3. Het besluit en de genomen maatregelen worden vastgelegd in de notulen.

Artikel 7 — Belet en ontstentenis

  1. Bij tijdelijk belet worden taken herverdeeld binnen het bestuur.
  2. Bij ontstentenis wijst het bestuur zo spoedig mogelijk een vervanger aan.
  3. Indien alle bestuurders ontstentenis kennen, wordt tijdelijk bestuur gevoerd door een onafhankelijke derde conform de statuten.

Artikel 8 — Financiën en uitgaven

  1. De penningmeester voert het dagelijks financieel beheer.
  2. Voor uitgaven boven een door het bestuur vast te stellen bedrag is voorafgaand bestuursbesluit vereist.
  3. De stichting werkt met een jaarlijkse begroting.
  4. Betalingen worden bij voorkeur uitgevoerd via een tweehandtekeningenprincipe.

Artikel 9 — Fondsenwerving en subsidies

  1. Subsidieaanvragen worden vooraf afgestemd binnen het bestuur.
  2. Voor elke subsidie wordt het doel, de looptijd en de verantwoordingsverplichtingen vastgelegd.
  3. Middelen worden uitsluitend besteed conform de subsidievoorwaarden.

Artikel 10 — Opsporing en bestrijding Aziatische hoornaar

  1. De stichting coördineert meldingen van waarnemingen binnen haar regio.
  2. Opsporing en verwijdering vinden uitsluitend plaats door gecertificeerde professionals of door getrainde vrijwilligers, conform geldende veiligheids- en milieunormen.
  3. Particuliere bestrijding wordt nadrukkelijk ontraden.

Artikel 11 — Veiligheid en aansprakelijkheid

  1. Veiligheid van bewoners, bezoekers en uitvoerders staat voorop.
  2. De stichting stelt (of laat stellen) protocollen vast voor nestverwijdering, communicatie bij risico's en samenwerking met gemeenten en veiligheidsregio's.
  3. De stichting sluit passende verzekeringen af.

Artikel 12 — Voorlichting en communicatie

  1. De stichting verzorgt heldere, feitelijke en toegankelijke voorlichting.
  2. Communicatie is gericht op herkenning van de Aziatische hoornaar, meldingsprocedures, en risico's en veiligheidsadvies.
  3. De stichting voorkomt onnodige onrust of paniek.

Artikel 13 — Samenwerking met derden

  1. De stichting werkt samen met gemeenten en provincies, imkerverenigingen, natuurorganisaties, veiligheidsregio's en gespecialiseerde bestrijders.
  2. Samenwerkingen worden waar nodig schriftelijk vastgelegd.

Artikel 14 — Vrijwilligers en externe deskundigen

  1. De stichting kan vrijwilligers en deskundigen inzetten.
  2. Voor vrijwilligers geldt: duidelijke instructie, geen risicovolle werkzaamheden zonder opleiding.
  3. Externe deskundigen werken op basis van opdracht of overeenkomst.

Artikel 15 — Integriteit en gedragscode

  1. Bestuurders handelen integer, transparant en onafhankelijk.
  2. Discriminatie, belangenverstrengeling en misbruik van positie zijn niet toegestaan.
  3. Het bestuur kan een gedragscode vaststellen.

Artikel 16 — Vaststelling en wijziging

  1. Dit huishoudelijk reglement wordt vastgesteld door het bestuur.
  2. Wijzigingen worden genomen met gewone meerderheid.
  3. De actuele versie wordt beschikbaar gesteld aan relevante stakeholders.

Artikel 17 — Publicatieverplichtingen (ANBI)

  1. Indien de stichting de ANBI-status verkrijgt, publiceert zij op haar website de door de Belastingdienst voorgeschreven gegevens, waaronder in ieder geval: de naam en contactgegevens, het RSIN of fiscaal nummer, de bestuurssamenstelling en het beloningsbeleid, de doelstelling en het beleidsplan, een actueel activiteitenverslag, en een financiële verantwoording.
  2. Het bestuur draagt zorg voor tijdige actualisering van de gepubliceerde gegevens.

Artikel 18 — Slotbepaling

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur met inachtneming van de statuten en de wet.

Vragen over ons beleid?

Neem gerust contact met ons op voor meer informatie over onze governance, financiën of werkwijze.

Neem contact op